Jaarbericht 2016
Jaarbericht 2016

Jaarbericht 2016



Inhoud

“Ieder mens is bijzonder en heeft recht op een goed leven. Dat betekent zelf keuzes kunnen maken en bepalen wat belangrijk voor je is”, zo opent het Manifest van Ipse de Bruggen. In het Manifest hebben wij een belofte aan onze cliënten vastgelegd en verwoord over wie wij willen zijn als Ipse de Bruggen. Deze uitgangspunten van het Manifest zijn richtinggevend voor ons organiseren en handelen. De cliënt staat op de eerste plaats. We bieden bijzondere zorg aan mensen met een handicap. Zij zijn net als mensen zonder handicap stuk voor stuk bijzonder. Jong of oud, met een eigen persoonlijkheid, achtergrond en levensovertuiging.

Het jaar 2016 was een bijzonder jaar. Een jaar waarin we afscheid hebben genomen van een aantal collega’s, maar ook een jaar waarin we 15 miljoen euro hebben kunnen investeren in de kwaliteit van zorg. Een ingrijpend jaar, maar ook een jaar waarin we weer veel stappen hebben gezet in het in de praktijk brengen van ons Manifest.

In dit jaarbericht leest u hoe wij in 2016 verder zijn gegaan op onze weg. Klik op de verschillende onderwerpen om meer te lezen!

 


Goed leven

Manifest als kompas

De leidraad van Ipse de Bruggen is een goed leven creëren voor de cliënt. Om dit te bereiken hebben we in 2014 samen met cliënten, wettelijk vertegenwoordigers en medewerkers intensieve gesprekken gevoerd over twee thema’s. Die thema’s zijn: wat verwacht u van ons als zorgaanbieder en wat verwacht u van ons als werkgever. Aan die gesprekken namen zo’n 2500 mensen deel.

De uitkomsten hebben wij verwoord in het Manifest. Dit bevat zeven waarden waar wij voor staan en waar we voor gaan.

In 2016 hebben we verder gewerkt aan het realiseren van het manifest. Onder meer door de start van een 3-daagse manifesttraining voor alle medewerkers. Een kleine 1000 medewerkers hebben deze in 2016 gevolgd. Op deze manier blijven medewerkers geprikkeld en gemotiveerd worden om het Manifest als leidraad te gebruiken voor het denken, doen en handelen.

De kern van ons Manifest is dat wij willen bijdragen aan goed leven voor onze cliënten. Dat doen we door met hen in gesprek te gaan en hen uit te nodigen de regie te nemen. Medewerkers stellen wij in staat om die keuzes te maken die er voor de cliënt toe doen. Dat betekent dat we zelforganisatie in teams bevorderen, verantwoordelijkheden laag in de organisatie beleggen en de werkprocessen vereenvoudigen. Het Manifest laat zien wat goed leven inhoudt voor het dagelijks leven en werken bij Ipse de Bruggen.

Het jaarverslag is opgezet rondom deze waarden van het Manifest.

 

""Jezelf ontwikkelen, capaciteiten benutten en dromen realiseren""

Jaaroverzicht 2016

Jaaroverzicht 2016

Eigen kracht en regie

Kernteams

Kleine slagvaardige netwerken
Vanuit het Manifest is de ontwikkeling van kernteams gestart, kleine en slagvaardige netwerken van cliënten en mensen die heel dicht bij hen staan.

Bij Ipse de Bruggen willen we dat iedere cliënt binnen de Langdurige Zorg een kernteam krijgt. Dit is een groep mensen rondom de cliënt die op dat moment het dichtst bij haar of hem staat: familieleden, begeleiders, behandelaars of bijvoorbeeld vertrouwde mensen zoals bezoekvrijwilligers. Het samenstellen van het kernteam gebeurt in overleg met de cliënt. Samen organiseren zij de zorg op zo’n manier dat de cliënt zoveel mogelijk het leven kan leiden dat hij wil.

Er is geen eenduidige manier om tot een kernteam te komen. Elke cliënt is uniek en vraagt om een eigen aanpak.

""Uitgaan van je eigen krachten en mogelijkheden""

Wat hebben we bereikt in 2016?
Eind 2016 had circa veertig procent van de cliënten een eigen kernteam. Ook voor cliënten en vertegenwoordigers is het werken in een kernteam vaak een stap. Ipse de Bruggen begeleidt dit proces zorgvuldig met ambassadeurs (begeleiders) en kernteamondersteuners per regio. Daarnaast worden ouderavonden gegeven, kernteamcursussen en vindt bespreking ervan plaats in de zorg- en begeleidingsplanbespreking.

We streven er naar dat 70 procent van alle cliënten eind 2017 een kernteam heeft.

 

Eigen kracht en regie

Vrijheidsbeperking

Vrijheid versus veiligheid
‘Nee, tenzij’. Dat is kort gezegd de visie van Ipse de Bruggen op vrijheidsbeperking. Het organiseren van goede zorg gericht op het vergroten van mogelijkheden van cliënten is voortdurend zoeken naar een optimaal evenwicht tussen ruimte voor zeggenschap en eigen regie en het bieden van gepaste bescherming en veiligheid. De aanstelling van twee beleidsmedewerkers BOPZ (Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen) en de financiering van verschillende afbouwprojecten onderstreept het belang dat wij hechten aan het afbouwen van vrijheidsbeperking. We steken veel tijd in het inzichtelijk maken van toegepaste vrijheidsbeperkingen en bewustwording bij medewerkers.

Afbouwprojecten
Aanleiding voor de afbouwprojecten is onder andere de intentieverklaring 'Zorg voor vrijheid' uit 2008. 'Ban de Band' is een project dat eind 2014 is afgerond. Het project had tot doel alle onrustbanden in bed af te bouwen of te vervangen door een milder en veiliger alternatief. In april 2014 verdween de laatste onrustband in bed; in totaal zijn 76 onrustbanden in bed afgebouwd of vervangen door een veiliger en milder alternatief. Het streven is om de mildere alternatieven ook verder af te bouwen.

Afzondering een uitzondering
Ipse de Bruggen streeft er naar eind 2017 geen cliënten meer af te zonderen binnen de Langdurige Zorg. Doel is het aantal afzonderingen in de afzonderingsruimte (AZR) of in de eigen kamer per jaar te verminderen met 25 procent en uiteindelijk geheel af te bouwen, inclusief de bijbehorende afzonderingsruimtes. Bij de afbouw vindt ondersteuning plaats door het IET (intern expertise team). Dit team ondersteunt zorgteams die vastlopen in begeleiding van een cliënt.

Overzicht afname in toepassing vrijheidsbeperkende maatregelen

23 cliënten worden niet meer afgezonderd in de AZR (afname van 88% ten opzichte van 31-12-2013).

Bij 113 cliënten is de afzondering op eigen kamer afgebouwd (een afname van 80%).

In totaal worden er 136 cliënten niet meer afgezonderd in de AZR of op de eigen kamer (een afname van 81%).

Afzonderingsruimtes

In 3 jaar tijd is het aantal afzonderingsruimtes gedaald van 54 naar slechts 3 eind 2016. In Nieuwveen, Zwammerdam en Vlaardingen zijn nog afzonderingsruimtes aanwezig voor onvoorziene situaties. In 2017 wordt verdere afbouw voortgezet.

Resultaat in 2016
De afbouw verloopt voorspoedig onder verantwoordelijkheid van de behandelaren. Het beleid om de vrijheidsbeperking te verminderen is succesvol. We richten ons op gedetailleerde registratie, omdat de maatregelen doelgroepafhankelijk zijn. Daarom zijn de cijfers niet zonder meer te vergelijken met andere organisaties.

In gesprek

Centrale cliëntenraad

“Door het Manifest is de medezeggenschap van de cliënt verbeterd. Als je terugkijkt, valt op dat we soms vergeten lijken dat heel wat cliënten ook zélf mee kunnen praten. Die blinde vlek is geen onwil, het is een cultuur die er geleidelijk aan in is geslopen.’’ Dat zegt Annelies Bink. Zij was tot eind 2016 voorzitter van de centrale cliëntenraad (CCR) van Ipse de Bruggen. Begin 2017 nam Anne-Marie Nuis het stokje van haar over.

Cliënten meer betrekken
In 2016 werd het samenspel van de CCR en de lokale cliëntenraden intensiever. Annelies Bink: “We hebben zes bijeenkomsten belegd, waarin we samen met de raad van bestuur en de lokale raden over de medezeggenschap van cliënten hebben gesproken. Het verbeteren van de medezeggenschap - en dus het meer betrekken van de cliënt bij de besluitvorming - is inspirerend en lastig tegelijkertijd. In 2015 hadden we een cliënt aan de CCR toegevoegd als adviseur. In de praktijk bleek dit iets lastiger invulling te geven dan van te voren bedacht. Anne–Marie Nuis: “We gaan het in 2017 op een andere manier proberen, de raad van  bestuur zet bij wijze van proef een deelraad van de CCR op. Hierin zitten cliënten die bepalen welke onderwerpen zij aan de orde willen stellen.’’

Extra geld crisissituaties
De grote veranderingen binnen Ipse de Bruggen hebben ook financiers gestimuleerd om met andere ogen naar de organisatie te kijken. Annelies Bink: ”Zo is in 2016 het zorgkantoor bij ons geweest om te praten over hoe cliënten naar Ipse de Bruggen als organisatie kijken. Bij dit overleg hebben we met succes bepleit om – bovenop de productieafspraken – extra geld beschikbaar te stellen voor cliënten die in crisissituaties tijdelijk meer aandacht nodig hebben.’’

 

""Grotere rol voor de cliënt zelf""

Moed
Veel veranderingen zijn uit te drukken in geld. Maar één verandering is dat niet. Annelies Bink: ”Er is in de spirit van Het Manifest een centraal vertrouwen gegroeid in wat we met z’n allen doen en willen binnen Ipse de Bruggen. Basis van dat vertrouwen is dat de raad van bestuur de geplande 15 miljoen aan bezuinigen heeft omgezet in 15 miljoen extra investeren in de zorg. Ik vind dat van grote moed getuigen."

Ook in kleine dingen is dat vertrouwen aanwijsbaar. Annelies: “Bij het analyseren van de begroting van Ipse de Bruggen namen we tot voor kort elk cijfertje onder de loep. Dat doen we niet meer. We kijken nu alleen naar onderdelen in de begroting die risico’s voor cliënten kunnen hebben. We houden sowieso bij hoe de vernieuwde organisatie zich met het oog op de cliënt ontwikkelt. Dat deden we in 2016 en doen we ook in 2017.’’

Speerpunten
In 2017 zijn speerpunten aangewezen die extra aandacht krijgen. Anne-Marie Nuis: “We kijken naar cliëntenmedezeggenschap, maar onderzoeken ook wat het effect van de ombuigingen is op de kwaliteit van de zorg. Ontwikkelingen in het verstrekkingenbeleid (waar betaal je als cliënt zelf voor) en binnen Kind & Jeugd willen we eveneens kritisch volgen.’’

Verstevigen lokale contacten
Maar bij dit alles is vooral het verstevigen van de lokale contacten een rode draad in 2017. Anne-Marie Nuis: “We willen de banden met de lokale cliëntenraden aanhalen en we willen daarmee ook de communicatie met cliënten, ouders en vertegenwoordigers verbeteren. Naast de bekende nieuwsbrieven, gaan we ook vaker gericht per e-mail communiceren en we zullen met de lokale raden themabijeenkomsten opzetten. Dat is niet alleen goed voor het uitwisselen van informatie, je leert elkaar daardoor ook beter kennen.’’

Voor meer informatie over cliëntenmedezeggenschap klik hier

 

In gesprek

Centrale ondernemingsraad

De ondernemingsraad kreeg eind 2015 een andere structuur met een zogeheten gelaagde medezeggenschap. Vanuit het Manifest is het een logisch gevolg dat de (mede)zeggenschap zo dicht mogelijk bij de medewerkers en de directie is komen te liggen.

Die nieuwe structuur is in oktober 2015 ingezet, maar in 2016 begon deze nieuwe vorm pas echt handen en voeten te krijgen. De essentie is dat niet de locatie bepalend is voor de decentrale ondernemingsraden, maar het vakgebied. Vanuit deze insteek ontstonden de centrale ondernemingsraad (COR) en drie decentrale ondernemingsraden: langdurige zorg, specialistische behandeling & jeugd en services. De COR overlegt met de raad van bestuur. De decentrale ondernemingsraden overleggen met desbetreffende directie.

Drempels
Voor de COR heeft 2016 vooral in het teken van de ombuigingen gestaan. Hiernaast zijn er ook diverse andere advies- en instemmingsaanvragen behandeld. ”Vanuit de Manifest-gedachte naar de ombuigingen was een logische stap. Maar op de weg er naartoe lagen er toch wel wat drempels”, aldus voorzitter Willy Klaasse van de COR. ”De COR had het idee dat de raad van bestuur qua kennis en plannen verder was dan de organisatie zelf. De COR heeft de raad van bestuur erop geattendeerd om de medewerkers mee te nemen in de veranderingen. De COR wordt nu goed meegenomen in alle plannen en voorgenomen besluiten. De relatie met de raad van bestuur is open en transparant. We worden tijdig geïnformeerd.”

Inloopspreekuren en opvangteam
De COR heeft op zijn beurt geprobeerd de achterban zo goed mogelijk te informeren en om vragen en problemen tijdig te signaleren. Willy Klaasse: ”De decentrale ondernemingsraden hebben op locaties inloopspreekuren gehouden.Medewerkers konden ons daar met vragen over onder meer de reorganisatie en over hun eigen positie aanspreken.

""Passende oplossingen""

Vooral bij OR Services was er belangstelling voor deze spreekuren. Mede omdat het juist deze groep medewerkers zou raken.” Ook in de kwestie van de boventalligheid heeft de COR medewerkers bijgestaan. COR-lid en secretaris Dennis Heemskerk: ”We waren met een aantal leden van de medezeggenschap onderdeel van het opvangteam voor medewerkers direct na hun aanzeggesprek.”

De snelheid
In september 2016 kreeg de COR, onder embargo, de formele adviesaanvraag voor de reorganisatie. De COR stond achter de plannen om de vrij te komen middelen in te zetten voor extra investeringen rondom de zorg voor cliënten, om door te gaan met de ombuigingen vanuit het manifest die twee jaar geleden zijn gezet. Willy Klaasse: ”Maar het was vooral de snelheid waarmee de COR moeite had. Waarom moest per se alles op 1 januari 2017 klaar zijn? De COR wilde bovendien een paar onderdelen behouden zoals ze waren, waaronder de technische dienst en de naaikamer. Dit vond de COR, naast meer handen aan het bed, belangrijk voor het ontzorgen van de medewerkers van het primair proces. Die onderdelen blijven gelukkig nog voor minimaal een jaar bestaan.”

Gaande en komende mensen
Er werden 177 fte, in voornamelijk ondersteunende functies, boventallig verklaard. Medewerkers konden onder meer solliciteren op nieuwe functies die ontstonden binnen de ondersteunende diensten. Uiteindelijk bleven er 67 medewerkers boventallig per 1 januari 2017. Zij konden kiezen uit een vrijwillige vertrekregeling of een begeleidingstraject van vier of tien maanden. Dennis Heemskerk: ”De COR volgt ieder kwartaal samen met de vakbonden of alles volgens afspraak blijft gaan.” Tegelijkertijd begint in 2017 ook het aantrekken van nieuwe mensen. Dennis Heemskerk: ”Doordat het accent in de organisatie nu consequent ligt op de zorg en ondersteuning van de cliënt, is er voor het jaar 2017 ruimte voor ongeveer 60 fte aan nieuwe mensen in de zorg. Een arbeidsmarktcampagne is in voorbereiding.”

Voor meer informatie over de (centrale) ondernemingsraad klik hier

In gesprek

Tevredenheid cliënten

We willen echt in gesprek zijn met de cliënt, zijn (wettelijk) vertegenwoordiger en anderen die voor hem belangrijk zijn om er achter te komen wat zijn vragen, wensen en behoeften zijn. Dat betekent dat we zoeken naar de vraag achter de vraag en nadrukkelijk bespreken of de cliënt tevreden is en wat we kunnen verbeteren.

In gesprek met cliënt en netwerk
Minimaal twee keer per jaar gaan medewerkers met de cliënt en de (wettelijk) vertegenwoordiger om de tafel om de zorg te evalueren en zo nodig bij te stellen. Hiervan doen we verslag in het zorgplan. In 2016 is een nieuw cliëntvolg- en ondersteuningssysteem (CVO) gefaseerd ingevoerd op alle locaties. Dit is een integraal systeem waarbij we de zorg- en dienstverlening aan de cliënt eenvoudiger kunnen vastleggen zonder dubbelingen. In 2017 krijgen cliënten en/of (wettelijk) vertegenwoordigers op een veilige wijze toegang tot een cliëntportal en kunnen daarmee het zorgplan en de rapportage inzien.

Aandacht voor beleving cliënt
Naast de individuele gesprekken gebruikt Ipse de Bruggen binnen de Langdurige Zorg sinds 2012 het instrument van de LSR om te inventariseren wat cliënten vinden van thema’s die voor hen belangrijk zijn. De persoonlijk begeleider neemt de vragenlijst af met de cliënt voorafgaand aan de bespreking van het zorgplan. Resultaten van het gesprek worden meegenomen in de zorgplan bespreking, maar dus ook voor verbetering op locatie- en organisatieniveau. Elke locatie ontvang eens per jaar een rapport met de resultaten van de gesprekken met de cliënten van  die locatie. Op locaties waar dat mogelijk is worden de resultaten besproken in woning- en werkoverleggen en worden acties voor verbetering geïnventariseerd.

""Nog vaker op zoek gaan naar de vraag achter de vraag""

In gesprek

Tevredenheid cliënten

Rapport LSR cliënttevredenheid
Uit het rapport van de LSR over de uitkomsten van 2015-2016 komt het volgende beeld naar voren van cliënten die bij ons wonen.

Positieve ervaringen zijn dat meer dan de helft van de vragen door de cliënten positief is beantwoord. Verder valt op dat een grote meerderheid (91 procent) van de cliënten het overleg over hun zorgplan goed vindt. Tot slot komt naar voren dat begeleiders zich houden aan afspraken met cliënten. Als een afspraak niet doorgaat, dan legt de begeleider uit waarom het niet doorgaat.

Aandachtspunten zijn de hoeveelheid tijd die begeleiders voor cliënten hebben en de minder positieve antwoorden op de vraag of veranderingen op de woning met cliënten worden besproken. Verder reageren cliënten minder positief op het zelf mogen bepalen in hun leven. Tot slot valt op dat bijna de helft van de respondenten niet of slechts een beetje weet wat ze moeten doen als ze het ergens niet mee eens zijn.

In 2016 is een evaluatie gehouden van de instrumenten die we gebruiken om de tevredenheid te meten. De uitkomst hiervan is dat we meer passend bij de doelgroepen op zoek gaan naar instrumenten om de tevredenheid te meten.

Tevredenheid vertegenwoordigers
Bij de kinderdienstencentra is een aangepaste vragenlijst van het LSR afgenomen om de tevredenheid van ouders te meten. Het gemiddelde rapportcijfer was net als vorig jaar een 8,3. Een mooi cijfer waar we trots op zijn.
Dit jaar is een pilot gehouden binnen de Langdurige Zorg met een specifiek voor en door (wettelijk) vertegenwoordigers ontwikkelde vragenlijst. Deze is door 200 vertegenwoordigers ingevuld. In 2017 gaan we deze vragenlijst breder toepassen.

In gesprek

Klachten: een kans op verbetering

Oplossing in de praktijk
Binnen Ipse de Bruggen staan we open voor vragen opmerkingen of klachten van cliënten en hun wettelijke vertegenwoordigers. Deze helpen ons de zorg verder te verbeteren. Een cliënt of vertegenwoordiger legt een probleem of klacht bij voorkeur eerst voor aan de betrokken medewerker of persoonlijk begeleider. Als dat geen oplossing biedt, komt de manager in beeld. Veel vragen, problemen en klachten vinden zo hun oplossing in de praktijk.

Klachtenadviseur 
Als de cliënt of (wettelijk) vertegenwoordiger er niet uitkomt of hulp nodig heeft, kan de cliëntvertrouwenspersoon of klachtenadviseur ondersteuning bieden. Sinds mei 2016 is een externe klachtenadviseur actief die kan bemiddelen tussen klager en aangeklaagde. Zij is gericht op het zoeken naar een oplossing en herstel van de relatie. De klachtenadviseur streeft er daarnaast naar het klachtenbewustzijn van medewerkers te vergroten, zodat afhandeling en oplossing van klachten zoveel mogelijk in de lijn plaatsvinden. Een workshop voor managers is ontwikkeld om hieraan bij te dragen.
In 2016 zijn 21 klachten ingediend bij de klachtenadviseur. De verwachting is dat dit aantal in 2017 zal toenemen door nog meer bekendheid te geven aan deze functie.

Cliëntenvertrouwenspersonen
Naast de klachtenadviseur hebben wij cliëntenvertrouwenspersonen. Zij staan open voor iedere vraag of klacht van een cliënt. Zij zijn partijdig aan de cliënt. In 2016 zijn er 93 contacten geweest met de cliëntenvertrouwenspersonen. Dit is ongeveer gelijk aan het aantal contacten in 2015.
Voor jongeren en jeugdigen zijn cliëntenvertrouwenspersonen van het Advies- en klachtenbureau Jeugdzorg (AKJ) actief.

Klachtencommissie
In 2016 is er in totaal 32 keer een beroep gedaan op de klachtencommissie Ipse de Bruggen. Daarnaast liep 1 klacht door vanuit 2015. Van de 32 klachten zijn 6 klachten behandeld in een hoorzitting in 2016, werd 1 klacht schriftelijk afgehandeld en zijn 2 klachten meegenomen naar 2017. De overige klachten zijn bijvoorbeeld via gesprekken - al of niet met ondersteuning van een vertrouwenspersoon of klachtenadviseur - opgelost.
Ter vergelijking: in 2015 is 26 keer een klacht ingediend bij de klachtencommissie en zijn 4 klachten behandeld in een hoorzitting.

Nieuwe klachtenregelingen
De nieuwe Wet Kwaliteit, Klachten en Geschillen Zorg (WKKGZ) is op 1 januari 216 ingevoerd. Deze wet richt zich onder meer op een snellere en betere aanpak van klachten. De aanstelling van een klachtenadviseur is eveneens een verplichting vanuit deze wet.
We hebben 2 nieuwe klachtenregelingen ontwikkeld die op 1 januari 2017 ingaan. Een aparte regeling voor cliënten met een indicatie voor Langdurige Zorg en een regeling voor cliënten vanuit de Jeugdwet.

Vanaf 2017 zijn we ook aangesloten bij een externe geschilleninstantie.
We hebben de keuze gemaakt om de klachtencommissie te behouden, al is die niet verplicht voor de WKKGZ. Voor Jeugdwet en BOPZ is de klachtencommissie wel een verplichting.
De klachtencommissie wordt samen met collega-organisatie Zuidwester ingericht.

Op onze website kunt u de klachtenregeling downloaden en vindt u de gegevens van de klachtenadviseur en vertrouwenspersonen. Klik hier

Kritisch bevragen

Zelfevaluatie

Bij een goed leven hoort dat cliënten de regie kunnen nemen en dat je als organisatie weet dat je de juiste dingen goed doet. Zelfevaluatie is in dit kader passend. Zelfevaluatie sluit goed aan op Het Manifest en op het principe van zelforganisatie.
Ipse de Bruggen deed daarom in 2016 mee aan de proeftuin zelfevaluatie van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN). Teams kregen de vrijheid zelf de meest geschikte vorm van evaluatie te kiezen. Ongeveer de helft van de woonlocaties (Langdurige Zorg) deed mee.

Afvinklijstjes
De teams van vier locaties voor MVG-zorg (moeilijk verstaanbaar gedrag) op buurtschap Craeyenburch in Nootdorp deden ook mee. Hoe hebben de medewerkers van deze teams de proef met zelfevaluatie ervaren?
Zelfevaluatie-projectleider Miranda Visser, begeleider die op de vier Nootdorpse locaties verantwoordelijk was voor de zelfevaluatie, kijkt voor een goed begrip liever eerst even terug naar hoe het eerder ging: “Voorheen werkten we met standaard afvinklijstjes van de VGN. De af te vinken vragen waren niet altijd even relevant voor onze situatie. Daardoor werd dit toch vooral ervaren als een verplicht nummer. Mensen voelden zich niet echt betrokken bij deze manier van evalueren.’’

Energie
In 2016 konden deelnemende teams kiezen: een standaardformulier van Ipse de Bruggen (de IdB-Cube) of volledig de vrije hand in het bepalen hoe de zelfevaluatie gebeurde. Gekozen werd voor het laatste. Miranda: “Mensen moesten wennen aan het zelf evalueren. Ze zochten naar houvast. Je zag hier en daar dat medewerkers er een soort van eigengemaakte afvinklijstjes maakten, zoals ze dat uit eerdere jaren ook gewend waren.’’
Ander punt was dat teams soms even moesten slikken toen duidelijk werd dat dit wel extra tijd vergt.
Zorgmanager Nicole Scheepers “Zelfevaluatie was iets heel nieuws, terwijl er op dat moment al veel andere nieuwe ontwikkelingen op het team afkwamen. Teams vroegen zich af: hoe houden we dit binnen ons gewone werk hanteerbaar? Maar toen we eenmaal op gang waren, ervoeren medewerkers de waarde van de evaluatiegesprekken als leuk en nuttig.’’
Miranda: “Bijzonder is dat de nieuwe pilot niet uitgaat van de systeemwereld, maar van de leefwereld van cliënten. Daardoor gaf het meedoen ook energie. Dat het ook zó kan, dat je op deze manier je eigen weg mag vinden en aan kunt sluiten bij hoe het in de praktijk écht ging.’’

Kritisch bevragen

Zelfevaluatie

Goed leven gesprekken
De zelfevaluatie vond plaats op cliëntniveau (cliënten en wettelijk vertegenwoordigers) en op teamniveau.
Op het niveau van cliënten en hun vertegenwoordigers werden zogeheten goed leven gesprekken gevoerd. Miranda: “We probeerden de ouders en andere (wettelijk) vertegenwoordigers er zo goed mogelijk bij te betrekken. Belangrijk is dat we merkten dat het goed was om het vooral klein te houden. Geen te algemene, veelomvattende vragen, maar focussen op kleine, heel praktische zaken. Een algemene vraag bijvoorbeeld als ‘Hoe ervaart u de veiligheid?’ werkte niet. Daar kwamen te algemene antwoorden op die niet goed aansloten bij de realiteit. Dat was sowieso een belangrijk leermoment voor ons allemaal: houd het klein.’’
Met de vertegenwoordigers vonden de evaluatiegesprekken regelmatig in het weekend plaats. Soms als het qua tijd niet anders kon, ging het ook telefonisch. Nicole: “Voor 2017 hebben we meer ruimte om cliënten en (wettelijk) vertegenwoordigers nog beter te betrekken in deze evaluatie.”

Visiteren
Nicole en Miranda wijzen op een vernieuwing van de zelfevaluatie in 2017 die hen erg aanspreekt.
Miranda: “In 2017 gaan we visiteren. Het ene team gaat bij het andere team kijken hoe zij de zelfevaluatie aanpakken. We gaan van elkaar leren hoe we het doen. In de praktijk betekent dit dat we van elkaar slimme vondsten overnemen, zodat het evaluatieproces makkelijker en nog waardevoller kan worden.’’

Klik hier om het kwaliteitsrapport van Ipse de Bruggen in te zien. Deze is opgesteld als uitkomst van de zelfevaluatie.

Kritisch bevragen

Medewerkerstevredenheid

Medewerkerstevredenheidsonderzoek
In 2016 is een Medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) gehouden.

Het doel hiervan was:

  1. Inzicht krijgen in de tevredenheid van de werknemers in algemene zin;
  2. De ervaringen van medewerkers met de veranderingen achterhalen;
  3. Het aanreiken van resultaten van de meting aan de teams in verband met zelforganisatie.

Er is een digitale vragenlijst afgenomen onder alle medewerkers. Gemeten is hoe bevlogen, betrokken en tevreden medewerkers van Ipse de Bruggen gemiddeld genomen zijn over hun werk.

Uitkomsten
40,7% van de medewerkers heeft meegedaan aan het onderzoek. Medewerkers geven een 7,4 voor bevlogenheid, een 7,3 voor betrokkenheid en een 6,9 voor tevredenheid. Het meest trots zijn collega’s over het feit dat de cliënt centraal staat en de onderlinge samenwerking en betrokkenheid.
De hoge ervaren betrokkenheid komt vooral voort uit het feit dat medewerkers achter de doelstellingen van de organisatie staan en men goed op de hoogte is van veranderingen binnen de organisatie.

 

""Visie waarmaken in de praktijk""

Een verbeterpunt op dit vlak is de afstand die men ervaart ten opzichte van het management. Die is toegenomen ten opzichte van eerdere metingen. Als verbeterpunten worden vooral werkdruk, communicatie en kritisch bevragen genoemd.
Medewerkers hebben bij deze verbeterpunten ook aangegeven waar zij zelf mogelijkheden tot verbetering zien.

Acties
De uitkomsten van dit onderzoek zijn bedoeld als belangrijke bouwstenen voor de ontwikkeling van zelforganisatie in teams. Daarom zijn de acties naar aanleiding van de uitkomsten van het MTO opgepakt op een manier die past binnen de zelforganisatie. De teams zijn in gesprek gegaan over de uitkomsten van het onderzoek wat betreft hun eigen team om hier met elkaar betekenis aan te geven. Op basis daarvan is elk team aan de slag gegaan met de sterke punten en de verbeterpunten van het team.
Om het goede gesprek mogelijk te maken, waren er voor de teams verschillende middelen en ondersteuning beschikbaar bij het interpreteren van de uitkomsten, het faciliteren en ondersteunen bij de voorbereiding en de gesprekken in de teams. Zo was het bijvoorbeeld mogelijk een workshop te volgen waarin aandacht was voor begrijpen en interpreteren van de rapportages, het opstellen en gebruiken van een actieplan en de monitoring van de voortgang in de teams. Ook was er ondersteuning mogelijk van HR adviseurs, zorgcoaches en transitiecoaches.

Vakmanschap

Kennis en kunde

Medewerkers moeten een passie hebben om met cliënten te werken en hen professioneel te ondersteunen, zodat cliënten zoveel mogelijk met behoud van eigen regie een goed leven kunnen inrichten. Daarnaast is het belangrijk dat medewerkers over vakinhoudelijke competenties en professionele kennis en kunde beschikken.

Opleiden
Omdat Ipse de Bruggen opleiden erg belangrijk vindt, is in 2016 een plan opgesteld waarmee voor een bedrag 1,6 miljoen euro is vrijgemaakt voor extra opleidingen.
Er heeft een herbezinning plaatsgevonden op de visie op leren en ontwikkelen. Het resultaat hiervan is dat de oude manier van opleiden wordt omgevormd naar een aanbod van leerprogramma’s en gerichte trainingen, met een duidelijke samenhang en gekoppeld aan diverse doelgroepen in de organisatie.

Digitaal Leerplein
In het kader van zelforganisatie hebben in 2016 de voorbereidingen plaatsgevonden voor het digitale Leerplein, dat begin 2017 live is gegaan. Op het Leerplein is alles wat met leren, ontwikkelen en opleiden te maken heeft, te vinden voor medewerkers.
Verder is een management trainee programma ontwikkeld. Inmiddels zijn 4 trainees gestart. In 2016 waren er ruim 200 leerlingen binnen Ipse de Bruggen in opleiding.

""Kansen creëren, respecteren en leren van fouten""

Manifesttraining
Het bevorderen van deskundigheid van medewerkers begint bij een aan onze visie gerelateerde training voor alle medewerkers: de training “Ons manifest in de praktijk”. Deze training vormt de paraplu voor alle andere leer- en ontwikkelactiviteiten.
In 2016 hebben 1000 medewerkers een driedaagse manifesttraining gevolgd om te ontdekken hoe ze praktisch betekenis kunnen geven aan het Manifest. Kern van de training is dat medewerkers zichzelf in de praktijk afvragen: ‘Is dit goed voor de cliënt? Wat bedoelt de cliënt precies? Wat helpt om vanuit die bedoeling te werken? En dragen de systemen waarbinnen ik werk daaraan bij?'

Kennisteams
Elke doelgroep heeft specifieke kenmerken en behoeften die vraagt om specifieke deskundigheid van medewerkers.
Om kennisuitwisseling tussen medewerkers die werken met dezelfde doelgroep te bevorderen en om goed aan te sluiten bij landelijke ontwikkelingen, hebben we binnen Ipse de Bruggen vier doelgroepspecifieke kennisteams ingesteld: licht en matig verstandelijk beperkt, moeilijk verstaanbaar gedrag, ernstig verstandelijk meervoudig beperkt en de doelgroep oud. Daarnaast is er een stuurgroep Kind & Jeugd.

Kennisteams bestaan uit medewerkers die op basis van successen en knelpunten uit de dagelijkse praktijk kennis en kunde verzamelen, deze bundelen en ter beschikking stellen aan collega’s. Dit kan bijvoorbeeld gaan om beleidsontwikkeling, toegesneden leerprogramma’s, symposia en wetenschappelijk onderzoek. Evaluatie en zelfreflectie vormen een belangrijk onderdeel van onze werkwijze.
In 2016 is de positie van de kennisteams verder versterkt. In het eerste kwartaal van 2016 is informatie op intranet over de kennisteams en doelgroep-specifieke informatie uitgebreid.

 

Vakmanschap

Kennis en kunde

Kwaliteit- en adviescommissies
Ipse de Bruggen heeft kwaliteit- en adviescommissies ingesteld voor thema’s die extra expertise en ondersteuning vragen. Deze commissies adviseren de raad van bestuur en de directie over beleid en de implementatie van het beleid.

De thema’s zijn:

Medicatie
Medicatiereviews met apotheker, analyse van medicatiefouten, het gebruik van medicatiekarren om het aantal fouten bij het toedienen van medicatie te verlagen en het werken met aandachtsfunctionarissen op elke locatie en periodiek worden geschoold.

Vrijheidsbeperkende maatregelen
Afbouwen van onrustbanden, ontmantelen van afzonderingsruimtes, afbouwen van fixatie, periodieke evaluatie van toegepaste maatregelen en correct toepassen van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet BOPZ).

Ethiek
Moreel beraad, consultatie van medewerkers, organiseren van symposia, advisering ten aanzien van onderzoek.

Verpleegkundig handelen
Het scholen van en toetsen van voorbehouden en risicovolle handelingen.

Hygiëne en infectiepreventie
Maatregelen ter preventie en voorkomen van uitbreiding van infectieziekten.

Seksualiteit, preventie van misbruik en huiselijk geweld
Ontwikkeling van visie op seksualiteit en protocol, hoe te handelen bij vermoedens van misbruik, het werken met aandachtsfunctionarissen en het periodiek scholen van deze functionarissen.

Regionale commissies gelinkt aan deze centrale kwaliteits- en adviescommissies ondersteunen begeleiders bij complexe casuïstiek, bijvoorbeeld bij één van de  bovengenoemde thema’s. Daarnaast  ook bij palliatieve zorg, bij pijn, vallen en veilig eten en drinken.
In 2016 is de huidige opzet van de kwaliteitscommissies geëvalueerd. Dit krijgt een vervolg in 2017.
 

Wat is gerealiseerd in 2016?

  1. Een opleidingsplan is ontwikkeld voor de komende 3 jaar. Hierin zijn leerprogramma’s opgenomen voor de verschillende doelgroepen. Per doelgroep zijn een medewerker- en teamprofiel in ontwikkeling.
  2. Een nieuwe preventie – en agressiehanteringstraining is gestart voor alle begeleiders.
  3. Meerjarenplan projecten en onderzoek is in ontwikkeling. De wetenschappelijke onderzoeken GOUD (Gezond Ouder worden) en SCORE (Systematische Cliënt Ondersteuning Resultaat Evaluatie) zijn vervolgd.
    Binnen GOUD wordt onderzoek gedaan naar de gezondheid van mensen met een verstandelijke beperking en factoren die het risico op ziekte vergroten. Deze kennis wordt benut voor het aanpassen van begeleiding en behandeling, met als doel de kwaliteit van bestaan van cliënten te verbeteren. GOUD is een samenwerkingsverband van Ipse de Bruggen, Abrona, Amarant en ErasmusMc.
    In het SCORE onderzoek wordt onderzocht welke welke ondersteuning het beste ingezet kan worden voor cliënten met de indicatie VG ZZP6 en ZZP7. Het onderzoek is een samenwerkingsverband van vier zorgorganisaties en de Universiteit Leiden. Meer informatie over het SCORE-onderzoek kun je hier vinden.

 

Vakmanschap

Gezond en veilig werken

Beleid op gebied van verzuim en duurzame inzetbaarheid
Het verzuimpercentage binnen Ipse de Bruggen bedroeg in 2016 5,9%. Vanwege de stijging van het ziekteverzuim t.o.v. 2015, dat toen 5,2% bedroeg, is er extra aandacht besteed aan de aanpak van verzuim, onder meer door middel van een activatiespreekuur en het Huis van werkvermogen (dat in 2015 al werd geïntroduceerd). Het Huis van werkvermogen is een methode om te achterhalen wat medewerkers nodig hebben om hun werk gezond, competent en gemotiveerd te blijven doen.
Verder zijn er plannen van aanpak opgesteld en zijn in samenwerking met de bedrijfsarts in verschillende teams gesprekken gevoerd over  zelforganisatie van inzetbaarheid en kortdurend verzuim.

Gezond en veilig werken in de zorg
In 2016 hebben zo’n 550 medewerkers van Ipse de Bruggen meegedaan aan het interventieprogramma ‘Gezond en Veilig werken in de zorg’. Dit onderzoek wordt door de Erasmus Universiteit in samenwerking met stichting IZZ uitgevoerd.
Centraal in het onderzoek staat het vinden en benoemen van beïnvloedbare factoren die fysieke en psychosociale arbeidsbelasting verminderen en de gezondheid en inzetbaarheid van zorgmedewerkers verbeteren. Begin november zijn de tussentijdse resultaten met diverse betrokkenen besproken. Hieruit blijkt dat de interventies zeker bijdragen aan gezond en veilig werken.
Het onderzoek wordt nog vervolgd in 2017.

Participatiewet
Op 1 januari 2016 is gestart met een proeftuin om kandidaten met een arbeidsbeperking te bemiddelen naar een garantiebaan. In 2016 zijn er binnen Ipse de Bruggen totaal 7 kandidaten in een garantiebaan geplaatst en 11 kandidaten vanuit detachering. Dit wordt in 2017 verder voortgezet.

Van regels naar waarden

Zelforganisatie

Teams in de zorg krijgen de ruimte en de verantwoordelijkheid om te doen wat nodig is voor de cliënt. Zij regelen met elkaar niet alleen de zorg maar ook hun eigen werk. Dat betekent binnen teams meer verantwoordelijkheid dragen voor het resultaat en het proces. Je verdeelt met elkaar de benodigde taken, met een manager die meer op afstand aanwezig is.

Het runnen van een huishouden
Zelforganisatie kun je zien als het runnen van een (professioneel) huishouden.
Vanaf 1 januari 2015 is de managementstructuur veranderd en is gekozen voor minder managers en minder staf. Dit heeft een impuls gegeven aan de zelforganisatie in teams. In 2016 zijn we deze weg verder ingeslagen.

Hulpmiddelen en ondersteuning
Hulpmiddelen bij de zelforganisatie zijn het teamkompas, teamontwikkelplan en teamrollen.
Het teamkompas is een instrument dat inzicht geeft in teamontwikkeling: Waar staat het team, waar is het team sterk in en waar kan het team zich verder in ontwikkelen? In gesprek met elkaar bepalen de medewerkers van het team welke stappen nodig zijn om verder te komen in de  teamontwikkeling en in de zelforganisatie. Dit wordt vastgelegd in een teamontwikkelplan. Zorgcoaches ondersteunen teams hierbij. De teamrollen beschrijven welke taken en activiteiten op teamniveau nodig zijn om als team goed te kunnen samenwerken.
In 2016 zijn in bijna alle teams de teamrollen verdeeld, het teamkompas ingevuld en teamontwikkelplannen opgesteld. De verschillen tussen teams in de mate van zelforganisatie zijn nog groot dit heeft onder meer te maken met wisselingen in personeel.

""Terug naar de essentie""

Een nieuwe serviceorganisatie
Bij meer ruimte voor begeleiders en behandelaars om zorg op maat te kunnen leveren hoort een andere dienstverlening vanuit de services (de ondersteunende diensten). We werken toe naar een kleinere serviceorganisatie die efficiënt werkt en kwalitatief hoofwaardig is.
2016 was het jaar waarin gezamenlijk met de zorg nader is bepaald hoe de serviceorganisatie eruit komt te zien.

Binnen de serviceorganisatie blijft de specialistische kennis behouden, de teams voeren een deel van de operationele taken uit. Zo worden bijvoorbeeld de taken rondom inkoop en verzuim uitgevoerd in het team. Teams worden ondersteund met digitale hulpmiddelen om die taken uit te voeren, zoals bijvoorbeeld een digitaal bestelsysteem en een digitaal personeelsinformatiesysteem waarin de medewerker alle eigen personele zaken kan regelen.
De invloed van de zorg op de serviceorganisatie vergroten we door budgetten waar gewenst te laten beheren vanuit de zorg. Keuzes voor servicediensten worden jaarlijks afgesproken met de zorg.

Minder procedures en protocollen
In het manifest is opgenomen dat we meer willen werken vanuit waarden dan vanuit regels. Om medewerkers meer eigen verantwoordelijkheid te geven is daarom afgesproken dat we het aantal procedures en protocollen willen verminderen. In 2016 hebben we deze kunnen verminderen met 40 procent. Een mooi resultaat!

Mijn IdB
Als ondersteuning bij de zelforganisatie is in 2016 een nieuwe digitale werkplek ontwikkeld: mijn IdB. Hier vinden medewerkers op één plek alle informatie en programma’s die ze bij hun werk nodig hebben. Denk hierbij ook aan hulpmiddelen en instructies. In 2016 zijn pilots gehouden en in januari 2017 is het in gebruik genomen voor alle medewerkers.

 

Raad van Bestuur

Het jaar dat Ipse de Bruggen anders maakte

Niet eerder maakte Ipse de Bruggen in een jaar zoveel ingrijpende veranderingen mee als in 2016. Tegelijkertijd was er een breed draagvlak voor de beweging die Ipse Bruggen afgelopen jaar heeft ingezet.

Jan van Hoek: "170 functies werden boventallig. En dat alles zonder dat er een economische aanleiding was. Dat dit zonder grote onrust is verlopen, is alleen te verklaren doordat er een stevige visie op de toekomst onder lag, waarin de cliënt centraal staat. De cliënt kan zelf keuzes maken en bepalen wat belangrijk voor hem is. Een visie die door medewerkers werd herkend en gesteund."

Sleutelmoment
De aanloop is bekend. In 2014 ontstond het Manifest. Hierin staan  de uitgangspunten van onze zorg en ondersteuning. Deze komen erop neer dat we cliënten meer regie willen geven en vermindering van bureaucratie willen bewerkstelligen. Staatssecretaris Van Rijn kondigde in 2015 forse bezuinigingen aan. Voor Ipse de Bruggen betekende dit dat 17 miljoen euro moest worden gesneden. Hierbij werd nadrukkelijk gekozen voor een plan in lijn met het Manifest. In mei 2016 volgt een heel ander bericht vanuit Den Haag: de bezuinigingen zijn van de baan.

 

 

Eric Zwennis: “Dat bericht in mei was een sleutelmoment in 2016. We zijn nog diezelfde dag met veel mensen in gesprek gegaan. Twee dagen later waren we eruit. Dit was een uitgelezen kans. Niet de bezuinigingen terugdraaien, maar doorpakken en voor hetzelfde bedrag juist investeren in de zorg. In lijn met het Manifest. We zeiden tegen elkaar, gaan we nu voor de cliënt of niet? Uiteindelijk kon 15 miljoen worden geïnvesteerd in de kwaliteit van de zorg.”

Eigen kracht
De omslag was ingrijpend. Jan van Hoek: “We hebben van medewerkers veel tegelijkertijd gevraagd. We zijn langs het randje gegaan van wat haalbaar was. Toch was dit het beste wat we konden doen. Beter in één keer alles oppakken, dan steeds opnieuw sleutelen aan onderdelen die Ipse de Bruggen tot een consequent cliëntvolgende organisatie maken.
Eric Zwennis vult aan: “Gelet op de complexiteit van de veranderingen, hadden we een extern bureau in kunnen huren om alles in goede banen te leiden. Hebben we bewust niet gedaan. Onze eigen projectorganisatie was en is heel sterk.”
 

 

Raad van Bestuur

Manifest in de praktijk
Jan van Hoek: "Een prachtig voorbeeld van concretisering van het Manifest in 2016 was het jubileumconcert van de Jostiband. Cliënten waren zelf verantwoordelijk voor het concert en zaken als de sponsoring, het decorontwerp en de filmmontage. Het resultaat was geweldig. Cliënten hebben dit op een fantastische manier gerealiseerd."

Beter ondersteunen
Jan van Hoek: “In zo’n ingrijpend proces als het realiseren van het Manifest hangt alles met alles samen. Toch is het goed om te benadrukken dat in 2016 vernieuwingen zijn voorbereid en ingevoerd die als afzonderlijke onderdelen ook van grote waarde zijn. Ik wijs op de invoering van de voorkeursmethodieken en van het nieuwe cliëntvolg- en ondersteuningssysteem. De komst van de digitale werkplek, de nieuwe servicedesk en de digitale werkplek - MijnIdB - zijn in 2016 tot in de details voorbereid en begin 2017 ingevoerd. Het zijn allemaal innovaties die de nieuwe organisatie beter ondersteunen.”

Zelforganisatie uitbouwen
Jan van Hoek: “De komende tijd willen we rustig verder verfijnen wat we in 2016 hebben ingezet. Zo moet de zelforganisatie nu volwassen gaan worden. Er is bewust voor gekozen om het principe van de zelforganisatie niet te al te gereguleerd aan te pakken. Meestal is zelforganisatie in strakke kaders en modellen gehesen. Wij hebben dat niet gedaan. Waar nodig kan eventueel tijdelijk extra mankracht ingezet worden om zelforganisatie verder op te tuigen. Een belangrijke reden om hiervoor te kiezen is dat ’de vrijheid om zelf keuzes te kunnen maken, medewerkers scherper en alerter maakt."

Eric Zwennis: “Het is hetzelfde als met de teamrollen die we in 2016 invoerden. Teamrollen beschrijven welke taken en activiteiten op teamniveau nodig zijn om als team goed te kunnen samenwerken. Ook daarvoor geldt dat het er niet om gaat om strak afgebakende regels te volgen. Dat gevaar dreigde even in het begin. Teamrollen is vooral een manier van denken, weet iedereen nu.”

Lokale medezeggenschap
Eric Zwennis: “Van belang is ook dat in 2016 meer aandacht is gekomen voor medezeggenschap op lokaal niveau. In het verlengde hiervan starten we in 2017 naast de centrale cliëntenraad waarin vertegenwoordigers zitten, een raad op centraal niveau met cliënten.

Bescheidenheid
In alle dynamiek van het jaar 2016 deed Ipse de Bruggen het financieel gezien goed. Terugkijkend is er reden voor trots. Toch is de raad van bestuur daar voorzichtig mee. Jan van Hoek: “Ons past bescheidenheid. We beseffen dat we mensen die ons moesten verlaten, verdriet hebben gedaan. We zien ook een stijgend ziekteverzuim. Dat duidt op spanningen. Het onderstreept dat we de impact van alle veranderingen op het persoonlijk leven van onze medewerkers heel serieus moeten blijven nemen.
We kunnen nu steeds beter inspelen op wensen en eigen regie van cliënten. Het proces om dat te verwezenlijken was en is intensief. Een woord van grote dank op deze plek voor de enorme betrokkenheid en inzet van medewerkers, vrijwilligers, cliënten en vertegenwoordigers juist ook in zo’n turbulent jaar als 2016.” 

Raad van Toezicht

Creëer tegenspraak

Een intrigerend jaar. Zo kenschetst voorzitter van de raad van toezicht Ferry Breedveld het jaar 2016. “Ipse de Bruggen is met het Manifest sterk in verandering. Tegelijkertijd heeft Ipse de Bruggen te maken met snel wijzigende inzichten van de politiek. Dat zijn spanningsvelden die de raad van toezicht aangaan.”

Politiek
Hij wijst erop dat de raad van toezicht een positie heeft die in staat tussen de politieke besluitvorming en de raad van bestuur van Ipse de Bruggen. Breedveld: “De politiek heeft in de afgelopen jaren verschillende bezuinigingen afgekondigd en soms ook weer ingetrokken. De raad van bestuur is er in geslaagd om ondanks elkaar tegensprekende geluiden vanuit de politiek een samenhangende koers te blijven varen. Met het Manifest als een verstandige leidraad. Niet de bezuinigingen zijn de achtergrond van veranderingen en saneringen, maar de overtuiging dat heel consequent de ontwikkeling van de cliënt de graadmeter moet zijn voor wat je als organisatie aanbiedt.”

Maatschappelijke vraagstukken
Het werkveld van de raad van toezicht zelf is er ook door veranderd. Vanouds houdt de raad vooral toezicht op de financiën. De voorzitter wijst erop dat meer dan voorheen maatschappelijke gerichte vraagstukken nu ook de aandacht van de raad van toezicht vragen. “Ook de diverse samenwerkingsverbanden en de vormgeving hiervan maken het toezichthouden complexer. We gaan niet op de stoel  van de raad van bestuur zitten, maar we moeten wel op een breder terrein de vinger aan de pols kunnen houden.

Met het Manifest als versneller zijn we als toezichthoudende organisatie er nu bijvoorbeeld ook alert op dat inspraak en medezeggenschap goed zijn geregeld. Het is essentieel om tegenspraak in je eigen organisatie te creëren. We hebben hier met de centrale cliëntenraad en centrale ondernemingsraad over gesproken. Een goed functionerende centrale cliëntenraad en ondernemingsraad is voor de raad van bestuur een ideale partner in het veranderproces. Door de verbinding met deze stakeholders juist in een situatie van grote omwentelingen bewust te zoeken, proberen we als raad van toezicht bewust ook invulling te geven aan onze taak in het kader van de governance” aldus de voorzitter.

Meetbare kwaliteit
In de dynamiek van alle veranderingen heeft de raad van toezicht in 2016 benadrukt dat de kwaliteit van zorg vooral goed meetbaar moet zijn. Breedveld: ”Dit kan door wetenschappelijk onderzoek, bijvoorbeeld in samenwerking met de Erasmus Universiteit wordt daar op dit moment aan gewerkt. Ook is afgelopen jaar ontzettend veel energie gestoken in de pilot zelfevaluatie waaraan is deelgenomen. Als raad van toezicht juichen we deze nieuwe manier van omgaan met kwaliteit van zorg van harte toe. De resultaten die deze pilot hebben opgeleverd bevestigen voor ons alleen maar het beeld dat we hiermee op de goede weg zijn in het handen en voeten geven aan de kwaliteit van zorg.”

 

Maatschappelijk verantwoord ondernemen

Maatschappelijke opdracht

Ipse de Bruggen is een organisatie met een maatschappelijke opdracht. Wij ervaren maatschappelijk verantwoord ondernemen dan ook als een logisch daaruit voortvloeiende plicht. In al onze activiteiten streven wij naar het creëren van meerwaarde voor mens, maatschappij en milieu. We brengen dat tot uitdrukking door de wijze waarop we met onze belanghebbenden (stakeholders) omgaan en samenwerken en door onze aandacht voor milieu- en duurzaamheidactiviteiten.

Interne stakeholders
In de omgang met interne belanghebbenden is het begrip ‘zeggenschap’ van beslissende betekenis. Dit start bij de cliënt die zoveel mogelijk regie heeft over zijn eigen leven en zorgverlening. Via medezeggenschap in bijvoorbeeld huiskameroverleggen, bewonersraden en lokale cliëntenraden kan hij ook invloed uitoefenen op de keuzes die worden gemaakt op de locatie. Bijvoorbeeld ten aanzien van activiteiten en voeding. Medewerkers hebben door de beweging naar zelforganisatie meer ruimte om beslissingen te nemen en hun vak uit te oefenen. Via de ondernemingsraden kunnen zij invloed uitoefenen op het beleid van de organisatie.
De raad van toezicht houdt integraal toezicht op het beleid van de raad van bestuur en op de algemene gang van zaken binnen Ipse de Bruggen. De raad van toezicht staat de raad van bestuur met advies ter zijde.

Maatschappelijk verantwoord ondernemen

Externe stakeholders
Ipse de Bruggen onderhoudt nauwe relaties met externe belanghebbenden zoals zorgkantoren en gemeentes. Intensieve samenwerking vindt plaats met middelbare scholen, hogescholen en universiteiten. Bijvoorbeeld op het gebied van opleidingen en onderzoek. Ons zorgaanbod versterken en verbreden we door onze kennis en ervaring te bundelen. We ontwikkelen samen met onze partners in de keten nieuwe zorgvormen om te voorkomen dat cliënten tussen wal en schip raken.

De belangrijkste samenwerkingen zijn de volgende:

Schakenbosch is een samenwerking tussen Jeugdformaat en Ipse de Bruggen. Het is een behandelcentrum jeugdzorgplus met een bovenregionale functie. Schakenbosch is een besloten, intersectorale voorziening voor jongeren met een licht verstandelijke beperking en ernstige gedragsproblematiek.

Klinisch Centrum Kristal is een behandelcentrum voor cliënten met een verstandelijke beperking en (een vermoeden van) psychiatrische problematiek. Verstandelijk gehandicapte mensen van 16 jaar en ouder en een IQ van minder dan 85 kunnen hier tijdelijk opgenomen worden. Het centrum is een gezamenlijk initiatief van Rivierduinen en Ipse de Bruggen. De samenwerking is op 1 januari 2014 in een stichting voortgezet.

Coöperatie Hart voor Jeugd is het regionale coöperatieve samenwerkingsverband dat is opgericht voor meer integrale zorgverlening binnen Jeugd & Gezinsteams door een consortium van zorgaanbieders in de regio Holland-Rijnland.

Een compleet overzicht van samenwerkingen kunt u hier vinden.

Duurzaamheid
Duurzaamheid is belangrijk voor Ipse de Bruggen. Op de verschillende locaties zijn sinds 2016 medewerkers actief als ambassadeurs duurzaamheid. Zij vragen in hun team aandacht voor dit onderwerp.
Ipse de Bruggen wil op verantwoorde wijze omgaan met de beschikbare grondstoffen. Ze wordt daarbij geholpen door de wet Milieubeheer. Grote organisaties die veel energie verbruiken moeten een energiebesparingsplan opstellen om minder brandstoffen te gaan gebruiken en de CO2 uitstoot te beperken. Een groot voordeel is dat energiebesparing ook kostenbesparend is, waardoor er meer geld overblijft voor de zorg aan onze cliënten. Daarom is het doel om alle locaties binnen afzienbare tijd energiezuinig te maken. Een hulpmiddel hierbij is het computerprogramma Energy online waarmee het energieverbruik op locatie kan worden gemonitord en kan worden verminderd.

Jaaroverzicht 2016

Manifesttrainingen van start

1 januari

In de training ‘Ons Manifest in de praktijk’ delen medewerkers hun ervaringen over hoe zij het manifest in praktijk brengen. Bijvoorbeeld hoe zij cliënten meer regie geven en aan de slag zijn met zelforganisatie. Na diverse pilottrainingen in het najaar van 2015, zijn op 1 januari de trainingen van start gegaan.

Start pilot nieuw kwaliteitskader

15 maart

Ipse de Bruggen heeft met de helft van de woonlocaties van de Langdurige Zorg meegedaan aan de landelijke pilot vanuit de VGN voor het nieuw te ontwikkelen kwaliteitskader. Half maart is de pilot gestart. Vanuit drie bouwstenen wordt gekeken naar de kwaliteit van zorg: de dialoog met de individuele cliënt, het monitoren van cliëntervaringen en zelfreflectie in de teams.

Ontwikkelprogramma managers

14 april

Vanuit de zorgmanagers en de afdeling opleidingen is gestart met de opzet van een ontwikkelprogramma voor managers. Zo krijgen zij nog meer kennis en handvaten om zich te ontwikkelen in hun nieuwe rol passend bij zelforganisatie. Op 14 april vond de aftrap hier van plaats met de presentatie van diverse workshops.

Opening de Haven in Zwammerdam

15 april

Half april is het Grand Café De Haven geopend; een unieke plek op Landgoed Hooge Burch in Zwammerdam. Het Grand Café wordt gerund door cliënten van Ipse de Bruggen. De Haven bevindt zich op een historische plek langs de Romeinse Limes (de noordelijke grens van het Romeinse Rijk).

Inspiratiefabriek

26 mei

Voor en door medewerkers is een leuke en inspirerende dag georganiseerd met diverse worskhops en acts in het servicekantoor in Zoetermeer. Het thema was Lef en dit werd zichtbaar in onder meer drie escaperooms en optredens van de Ipse de Bruggen band. De opkomst was groot met ca. 600 medewerkers. In 2017 wordt er opnieuw een inspiratiefabriek georganiseerd.

Webshop Ipse de Bruggen live

9 juni

De officiële webshop van Ipse de Bruggen is op 9 juni gelanceerd. Dagbestedingslocaties verkochten de producten al vanuit hun locaties, maar nu kan heel Nederland via de computer een bijzonder product kopen van Ipse de Bruggen. Bijvoorbeeld een vogelhuisje of houten dienblad. Het assortiment wordt steeds verder uitgebreid.

Nieuw cliëntvolg- en ondersteuningssysteem

1 juli

Het nieuwe cliëntvolg- en ondersteuningssyteem is medio 2016 op alle locaties binnen de Langdurige Zorg in gebruik genomen. Hiermee wordt de zorgverlening aan onze cliënten nog beter en efficiënter ondersteund.

Concert Jostiband 50-jarig bestaan

5 september

2016 is het jubileumjaar van de Jostiband. Hoogtepunt is het concert met 11.000 aanwezigen in een uitverkochte Ziggodome met diverse gastartiesten en in aanwezigheid van Koning Willem-Alexander.

Besluit ombuigingsplannen

14 oktober

Na advisering door de centrale cliëntenraad en centrale ondernemingsraad is op 14 oktober het besluit genomen om te starten met het ombuigingsprogamma. Hierdoor wordt 15 miljoen aan middelen vrijgemaakt voor onder meer extra handen aan het bed en opleidingen. De reorganisatie waarbij uiteindelijk 67 medewerkers vanuit de services boventallig werden ging hiermee ook van start.

Kwaliteitsrapport Ipse De Bruggen

1 november

Het kwaliteitsrapport dat is opgesteld als uitkomst van de pilot zelfevaluatie is op 1 november gereed.

HKZ certificering verlengd

25 november

Vanuit extern auditor Lloyd’s is Ipse de Bruggen getoetst op het kwaliteitssysteem. Het resultaat was dat ons HKZ certificaat voor drie jaar wordt verlengd. De auditoren waren onder de indruk van de positieve “flow” in de organisatie als het gaat over zelfregie en zelf de verantwoordelijkheid nemen.

Reorganisatie afgerond

1 januari 2017

Op 1 januari 2017was de reorganisatie afgerond en werd gestart met nieuwe werkwijze en processen.

digitale werkplek live
De digitale werkplek (Mijn IdB) is vanaf 1 januari 2017 live gegaan. Deze biedt medewerkers ondersteuning om hun werk zo goed mogelijk uit te voeren met de informatie die zij nodig hebben.

Kerngegevens



Klik hier voor een PDF met kerngegevens.



Jaarrekening


Op deze pagina kunt u onze jaarrekening van 2016 vinden.
Klik hieronder op de afbeelding om de jaarrekening te openen.

De bijbehorende controleverklaring is separaat opgenomen.
Klik hier om deze in te zien.

Naast het jaarverslag en de jaarrekening bestaat de jaarlijkse verantwoording ook uit een verantwoording ten aanzien van bestuur, bedrijfsvoering, personeel en productie. Deze gegevens worden gepubliceerd via DigiMV.

Klik hier voor onze DigiMV verantwoording.